![]() |
Stadsdichter
Harderwijk 2007 & 2008 & 2010 |
| naar al mijn stadsgedichten |


‘De
Hongerlopers’
In de Hongerwinter van 1944/45 trokken duizenden
langs ‘s Herenwegen op zoek naar voedsel.
Die ene lange winter, waarin de bevrijding al
gloorde, zocht men in vele richtingen,
uit pure nood naar brood voor de dag en
naar warmte voor de nacht.
Met steenkoude, spierwitte hand,
waarmee men zijn diepste bede bad
en waaruit alleen de Dood zwijgend
mee at, werd om erbarmen en om
een bord warme bouillon gevraagd,
aan de poorten van
de Harderwijker soepfabriek.
En hier werd allen opengedaan door
‘een Christen, zoals Jezus die
bedoeld moet hebben.’
4 augustus 2010,
Michel Martinus
Stadsdichter van Harderwijk
*Aan de Verkeersweg, waar nu het
Dichterskwartier ligt,
was sedert 1938 de bouillonfabriek Fino, later de California
soepfabriek, gevestigd.
directeur Holtrust, die in de oorlog voor hongerlopers ruim
vijftienhonderd
liter soep per dag, maakte , had ook werknemers in dienst voor
de voedselvoorziening met officiële papieren van de bezetter om ze zo
te onttrekken aan de Arbeitseinsatz. In Duitsland.
Stadsgedicht
nr.24
Het postkantoor raakt uit
Lang geleden werd door Napoleon de postbestelling gestandaardiseerd,
met vaste tarieven en diensten.
In ons land ontstond de PTT, daarna de KPN,
met de postbode en later de postcode,
de postzegel en het postkantoor,
waar het likken en plakken aan de orde van de dag was
Maar heden ten dage is het postkantoor
uit zijn rol van royalty briefverzorger gegroeid
en raken de natte-sponsjes-onder-handbereik uit beeld,
zegellikkers en -plakkers zijn over.
Er wordt hier ook niet meer gewogen en gestempeld.
De draaideur naar vroeger gaat weer een stukje
verder dicht.
Het oude vertrouwde postkantoor is aan het verdwijnen uit de stad. In de
Donkerstraat was het al gesloopt,
dat aan de Johanitterlaan inmiddels van TNT is er hoofdzakelijk voor
bedrijven en nog maar mondjesmaat open. En nu gaat dat aan de
Vuldersbrink dicht.
Terwijl postactiviteiten straks weer op een doorschuif- luikjesniveau
komen bij een Postagentschap in
AH & Bruna en vooral thuis plaatsvinden per
mobieltje of via het net,blijft de vraag:
verliezen we tussen nu en morgen
weer iets aan
het goede vroeger?
14 juni 2010
Michel Martinus,
Stadsdichter van Harderwijk
Stadsgedicht nr. 23
De N302 is Klaar over!*
Het wachten, fileschuiven en verkeerd staan en
gaan, is voorbij
en heeft zich geloond, want nu kan iedereen veilig oversteken,
af- of inslaan, richting Gewenst: Harderwijk langs, in of uit.
Ook Elders, is nu flits flits snel te doen
Het abracadabra voor velen van de eerste uitleg,
vertroebelde een goed zicht op de bedoelingen,
maar nu past respect en bewondering voor planners en bouwers,
bloemen voor al die doordouwers!
De oude Veluwse weg die van de paarse heide naar
de Flevolandse groene weide meanderde, is gerecht.
Over de waterkragen heen.
Geen straatlengte verwijderd, van de gulden middenweg.
Het eerste verkeersbord,voor de toekomst,
naar het Waterfront staat er ook al.
Harderwijk is vandaag opgeschoten en schiet
en passant al een stukje door.
Onze weg is Klaar - over !
5 juni 2010
Michel Martinus, Stadsdichter van Harderwijk.
*Op zaterdag 5 juni - de Dag van de Bouw - vieren
de provincie Gelderland, de gemeente Harderwijk en Heijmans Infra de
ingebruikname van de nieuwe N302 door minister Camiel Ehrlings. De N302
is de langste N-weg van Nederland, 94 km lang, van Kootwijk naar Hoorn,
van A1 naar A7.
Stadsgedicht nr 22
Het Vissersvrouwtje
Door weer en wind getekend is ze opnieuw
gehard tegen
de tand des tijds. Ze staat er weer als vanouds bij,
een ferme en fiere vissersvrouw,
die verder vertelt over mannen en vrouwen,
voor wie het leven om vier beginselen draaide:
het gezin, de kerk, de botter en de Zuiderzee, waarop
de mannen en hun zonen voeren. De thuisblijvende vrouwen met
hun kroost altijd in afwachting van de terugkeer van de vloot,
met die ene specifieke boot.
‘Wachtend en biddend aan
de Kiekmure tot de kim
dat laatste zeil ook zou loslaten’
Benieuwd ook naar het resultaat van de
zaterdagse visafslag, of de vangst wel genoeg
zou opleveren voor het leven van
de komende week.
Het beeld op deze plek van de oude visafslag,
ziet over de haven uit, in de richting van
het oude zeegat zij blijft altijd zien wie
gaat en wie komt.
Zij herdenkt in stilte het oude
leed en verlies, kent nog alle namen,
van hen die op zee zijn gebleven,
zal die voor altijd weten hier op
het Bargje aan de haven.
Uit voorbije verte is
hier een verte van
verhalen ontstaan.
20 mei 2010
Michel Martinus,
Stadsdichter van Harderwijk
* ter gelegenheid van de terugplaatsing van dit beeld na restauratie.
Terugblik
Twee jaar lang heb ik
de geschiedenis van
onze stad
afgesloft, bekende en minder bekende stadgenoten in
de tijd geplaatst,
hen in ons heden rondgewandeld en
gewezen op wat was en wat wordt.
Ik heb geprobeerd de stad en haar inwoners
te beschrijven en tot leven te brengen.
In en buiten de stad heb ik haar naam
ook in vreemde handpalmen en
monden gelegd.
Vandaag leg ik mijn
pen voldaan,
maar met een vleugje weemoed
in de hand van mijn opvolger en
nodig u allen alweer,
tot verhalen van morgen uit.
Michel Martinus,
3 januari 2009
